Arkady Wajspapir

Arkadij WajspapirArkady Wajspapir (1921) diende als sergeant in het Rode Leger en raakte in september 1941 gewond. Als joodse krijgsgevangene moest hij in Sobibor met de andere Sovjet-soldaten barakken bouwen in kamp IV. Het drong al snel tot hem door dat “de enige manier om daar weg te komen was door te vluchten”.

Voordat hij werd ingelijfd bij het Rode Leger was Arkady Wajspapir werkzaam als ingenieur. Na zijn herstel in een veldhospitaal in Kiev werd hij als krijgsgevangene naar Minsk vervoerd. Op 22 september 1943 arriveerde hij met Petsjerski en andere soldaten in Sobibor. Na de oorlog keerde hij in de stad Donetzk terug naar zijn oude beroep als ingenieur.

 

 

"soep smaakte als afwaswater"
In september 1941 raakte de twintigjarige Sovjetsoldaat Arkady Wajspapir tijdens gevechten met de Duitse Wehrmacht zwaar gewond en werd kort daarop in Minsk door de Duitsers gevangen genomen. Tot maart 1942 werd hij verpleegd in een hospitaal voor krijgsgevangenen. Nadat hij uit het ziekenhuis ontslagen was, werd hij naar het concentratiekamp van Minsk overgebracht. In september werden Wajspapir en andere joodse krijgsgevangenen, onder wie Alexander Petsjerski, samen met ongeveer negentienhonderd joods-Russische burgers op transport gesteld naar Sobibor. Wat dit voor een kamp was, wisten Wajspapir en de zijnen niet. Veel goeds verwachtte hij er niet van. Maar het was niet bij hem opgekomen dat de gevangenen uit de Sovjet-Unie naar Polen waren overgebracht om daar te worden vernietigd. Na aankomst in Sobibor werden mannen geselecteerd om in het kamp te werken. Het kamp zou worden uitgebreid met nieuwe barakken in Lager IV en daarvoor waren timmerlieden nodig. De SS’ers selecteerden tachtig soldaten - onder wie Wajspapir - om als timmerman aan de slag te gaan in het Baukommando; de overige militairen en de andere joodse gevangenen uit de Sovjet-Unie verdwenen in de gaskamers.

Hoe een gemiddelde arbeidsdag voor Wajspapir verliep, vertelde hij in 1975. ‘ ’s Morgens vroeg werden wij door de oudste gevangenen, die Kapo genoemd werden, gewekt. Het ontbijt bestond uit 150 gram roggebrood en een kop gekookt water of koffie. Vervolgens werden de gevangenen aan het werk gezet. ’s Middags was er soep, die wij Plöre noemden. Nadat we dit afwaswater hadden doorgeslikt, werkten we tot het invallen van de duisternis. Dan volgde het avondeten: 100 gram roggebrood en een kop warm water.’ Na het eten was er ter controle een appèl, waarna de gevangenen van het Baukommando naar de barakken mochten om te slapen.

"Frenzel was een uitgesproken sadist"
Wajspapir heeft onder meer te maken gehad met kamp-SS’er Hubert Gomerski, die de gevangenen dikwijls met zijn zweep afranselde. Ook SS-officier Karl Frenzel, de leider van het Baukommando, was hem niet onbekend. ‘Het zou mild zijn, van hem te zeggen dat hij wreed was’, aldus Wajspapir. ‘Hij was een uitgesproken sadist.’ Frenzel had altijd een zweep bij zich waarmee hij dikwijls zonder enige aanleiding gevangenen op het hoofd, het gezicht of op andere lichaamsdelen sloeg. ‘Menig gevangene was na een dergelijke behandeling invalide of overleed. ‘ Wajspapir heeft ook gezien dat Frenzel een groep zieke gevangenen naar Lager III bracht waar zij om het leven werden gebracht. Een keer had hij bovendien een psychisch gestoorde jongen uit Minsk, die zich onder zijn brits had verstopt, uit de barak gehaald en afgevoerd naar Lager III.

Wajspapir ging dagelijks om met medegevangene Petsjerski, die ook in het Baukommando werkte en die hij voor het eerst in het concentratiekamp van Minsk had ontmoet. Direct na zijn aankomst in Sobibor hadden de Polen van het ondergrondse comité, dat vluchtplannen beraamde, contact gezocht met de Sovjetmilitair Petsjerksi. Nadat hem was verteld hoe het kamp precies was ingericht en hoe het bewaakt werd, besloot hij een opstand en een massale ontsnapping voor te bereiden. Hij formeerde een strijdgroep, waarvan vooral Sovjetkrijgsgevangenen deel uitmaakten. Ook Wajspapir zat in deze groep. Op 10 oktober begonnen, in samenspraak met het al eerder gevormde ondergrondse comité van de Poolse gevangenen, de actieve voorbereidingen van de revolte, die uiteindelijk op 14 oktober 1943 plaatsvond. Belangrijk onderdeel van het plan was de moord op de SS’ers; Wajspapir kreeg de opdracht samen met de Pool Jehuda Lerner in de kleermakersbarak een SS’er en een Oekraïense bewaker te doden.

"ik sloeg hem met de scherpe kant van de bijl op zijn hoofd"
Gewapend met bijlen begaven Wajspapir en Lerner zich in de middag van de 14e oktober op weg naar de kleermakersbarak, waar zij zich achter een gordijn verstopten. ‘Ongeveer een uur later’, aldus Wajspapir, ‘betrad de SS’er Siegfried Graetschus - leider van de Oekraïense bewakers - de werkplaats. Hij bleef bij de deur staan en paste een jas die de kleermakers voor hem hadden gemaakt. Ik kwam achter het gordijn vandaan, liep langs de officier naar de deur, draaide mij om en sloeg hem met de scherpe kant van de bijl op zijn hoofd. Graetschus gaf een schreeuw, viel niet meteen op de grond maar tuimelde voorover omdat deArkady Wajspapir slag klaarblijkelijk niet hard genoeg was aangekomen. Toen kwam Lerner op hem af en sloeg hem met de bijl op het hoofd. Graetschus viel op de grond en stierf. Ik rukte zijn pistool uit de holster en stak ook zijn papieren bij mij. De kleermakers sleepten het lijk voor de deur weg en bedekten het lijk met kleding.’ Op dat ogenblik stapte de Oekraïense bewaker de werkplaats binnen. De kleermakers raakten in paniek, maar Lerner en Wajspapir hielden het hoofd koel en brachten ook de bewaker met hun bijlen om het leven.

Velen vonden tijdens de massale vlucht de dood, maar Wajspapir behoorde tot de gevangenen die in het bos wisten te ontkomen. ‘Wij verdeelden ons in groepen en gingen in verschillende richtingen uit elkaar. Onze groep, die uit elf Sovjetkrijgsgevangenen bestond, vertrok in noordoostelijke richting.’ Uiteindelijk wisten de vluchtelingen de rivier de Boeg over te steken en sloten zij zich aan bij partizanen.

Ga naar het interview met Arkady Wajspapir

Bekijk een interview met Arkady Wajspapir op de website "Late gevolgen van Sobibor"

Afdrukken