Leo Smit

Leo Smit“Let op mijn woorden: de Franse cultuur en de Franse muziek winnen altijd” vertrouwde de bekende componist Leo Smit aan het begin van de bezetting een van zijn leerlingen toe. Leo Smit werd geboren op 14 mei 1900 in de Amsterdamse Plantagebuurt. Hij stamde uit een welgestelde, niet-religieuze Portugees-joodse familie. Hij ging naar het Barlaeus Gymnasium maar maakte zijn school niet af: hij was meer geïnteresseerd in muziek.

Leo Smit begon al jong met muzieklessen en schreef zijn eerste compositie op zestienjarige leeftijd. Zijn jongere zusje Nora speelde harp; haar lerares, de bekende harpiste Rosa Spier, was een vaste gast in huize Smit. Vanaf 1919 studeerde Leo piano en compositie aan het Amsterdams Conservatorium. In 1924 was hij de eerste student die aan dit conservatorium cum laude het einddiploma compositie behaalde. Nog in zijn studietijd, in 1922, schreef hij het orkestwerk Silhouetten. Drie jaar later, op 28 juni 1925, werd dit muziekstuk uitgevoerd door het Concertgebouworkest. Een recensent van Het Volk oordeelde hierover: ‘In de gehele suite maakt de componist gebruik van de eigenaardige klankcombinaties van den negerachtigen jazzband’.

Kort na zijn afstuderen werd Leo Smit docent harmonieleer en muziekanalyse maar eerst moest hij in Harderwijk zijn dienstplicht vervullen. De kleine en tengere vierentwintigjarige Smit kon het tussen de grove achttienjarige jongens moeilijk uithouden. Een legerarts liet hem opnemen in het Militair Hospitaal in Utrecht, waar hij meteen werd afgekeurd. Inmiddels had hij al diverse succesvolle muziekstukken geschreven, zoals het Voorspel voor Teirlincks ‘De Vertraagde Film’. Net als veel andere Nederlandse componisten voelde hij zich aangetrokken tot de nieuwe Franse muziek en in 1927 vertrok hij naar Parijs, waar hij negen jaar zou blijven.

Leo SmitIn 1929 voerde het Concertgebouworkest zijn balletmuziek Schemselnihar uit. In 1933 trouwde Leo met Engeline (Lientje) de Vries (Amsterdam 27 november 1908). Na nog een jaar in Brussel te hebben gewoond, keerden Leo en Lientje in 1937 terug naar Amsterdam waar ze een woning aan de Eendrachtstraat 15 betrokken. Leo vestigde zich als privéleraar piano, theorie en compositie. Inmiddels was hij een gevierd componist: zijn composities waren regelmatig op de radio te beluisteren.

Leo Smit schreef drie belangrijke werken waarin de harp centraal staat: een trio, een kwintet en een Concertino, alle drie voor Rosa Spier; het Concertino werd in 1934 door haar uitgevoerd met het Concertgebouworkest. In verschillende werken was de jazz een inspiratiebron: jazz-achtige ritmes en harmonieën getuigen van zijn fascinatie voor deze in die tijd nieuwe muzieksoort. In de periode tot 1940 schreef hij een aantal grotere werken: het Sextuor (1932) voor vijf blazers en piano, de Symphonie in C (1936), het Concerto (1937) voor piano en blazers en het Concert (1940) voor altviool en strijkers.

In de beginjaren van de Duitse bezetting kon Leo zijn privélessen nog voortzetten maar langzamerhand bleven de niet-joodse leerlingen weg. Begin december 1942 moest hij met zijn vrouw Lientje noodgedwongen verhuizen naar de Transvaalbuurt in Amsterdam. Ondanks de verslechterende situatie bleef hij componeren; zijn laatste werk, de Sonate voor fluit en piano, voltooide hij in februari 1943, een maand voor zijn arrestatie. Nog op 19 maart adverteerde Leo in het Joodse Weekblad dat er plaatsen vrij waren bij zijn cursus muziekgeschiedenis.

Eind maart 1943 werden Leo en Lientje opgepakt. Zij verbleven enige weken in de Hollandse Schouwburg tot zij begin april naar Westerbork werden overgebracht. Op 27 april werden zij afgevoerd naar Sobibor waar zij direct na aankomst werden omgebracht.


bronnen:
Pameijer E., Leo Smit 1900-1943 (Leo Smit Stichting)

Podcast NPO-Radio4 De Ochtend, Leo Smit, vlak voor zijn deportatie zag hij kans zijn muziek in bewaring te geven... (8 januari 2020)

Vis J., Leo Smit 1900-1943 (Forbidden Music Regained)

Vis J., Silhouetten: de componist Leo Smit 1900-1943 (Amsterdam 2001)


Terug naar "Slachtoffers"

Afdrukken